Verhalen met betrekking tot Sprundel

 

Anneke Pieke en het kleinste huisje van Nederland

Uit het Jaarboek 1988, door W. Vergouwen

 

Onder de titel “het kleinste huisje van Nederland” verscheen in het begin van de jaren vijftig in een groot landelijk weekblad een artikel over een huisje wat stond in de Broekestraat te Sprundel en werd bewoond door Anneke van Oers (bijgenaamd Anneke Pieke) en haar gezin. Het rijk geïllustreerde artikel gaf een duidelijk beeld van de omstandigheden waaronder deze mensen woonden en leefden. Niet alleen de landelijke, maar ook de regionale pers, was geïnteresseerd en publiceerde veelvuldig artikelen over dit onderwerp.

Steeds weer opnieuw suggereerde men in deze publicaties over mysterieuze zaken in en om dit huisje. Ook de naaste omgeving, buurt en dorpsbewoners, alsmede mensen uit de omliggende gemeenten waren de mening toegedaan dat er vreemde dingen plaatsvonden.

Zelf woonde ik destijds als kind in de nabije omgeving van het huisje in kwestie. Ondanks mijn nieuwsgierigheid betrachtte ik steeds de nodige voorzichtigheid en hield toch enige afstand in acht. Het lezen van een artikel in het Dagblad de Stem destijds van 7 maart 1953 inspireerde mij, nu 35 jaar later, tot het schrijven van het onderstaand artikel. Ik citeer uit het voornoemd dagblad:

 

“Anneke Pieke, ze is nu 81 jaar oud en ze zal misschien niet lang meer leven, is een heks, zegt men.

Ze komt alleen naar buiten om onrust over het dorp te zaaien, zegt men. Ze stuurt er haar zoon Willem op uit om te gaan schooien, terwijl zijzelf bijna nooit iets gebruikt … zegt men.”

 

Dit gedeelte tekst is slechts een kleine greep uit het totaal van diverse ‘roddels’, verzinsels en aantijgingen die men koesterde ten opzichte van het vermeende ‘rare’ gedrag van Anneke en haar gezin. Een en ander was voor mij een reden te meer om eens nader te onderzoeken waarom deze mensen door de pers en hun omgeving zo werden bejegend. Uit gesprekken met de naaste buurtbewoners bleek men over deze familie weinig informatie te kunnen verstrekken. Over hun herkomst, privé-omstandigheden en vertrek naar elders was nagenoeg niets bekend. Teneinde toch tot een artikel te geraken moesten er noodgedwongen andere bronnen van informatie worden aangeboord om toch enigszins de handel en wandel te kunnen bepalen van Anneke, haar dochter Gonneke (afgeleid van Allegonda) en haar zoon Willem. Met betrekking hiertoe zal ik via de volgende levensbeschrijving hieraan trachten te voldoen:

 

Anneke werd geboren op 9 december 1872 als dochter uit het huwelijk van Johannes van Oers (beroep arbeider) en Wilhelmijna van de Beemt. Zij bewoonden toen een pand, gelegen in de Boterstraat. Na diverse verbouwingen en verwisseling van evenzoveel eigenaren, wordt deze woning thans bewoond door de familie Bartels.

Anneke was het eerste kind uit het derde huwelijk van haar vader. Uit de eerste twee huwelijken van haar vader met resp. Anna Vriends (die op 12 september 1867 op 25-jarige leeftijd overlijdt) en Maria Goossen (overleden op 18 april 1871) behoudt Anneke een half-broer en half-zuster. Het gezin van Oers werd voorts nog verblijd met de geboorte van twee kinderen, te weten: Cornelis, geboren 17 november 1874 en Cornelia, geboren 25 februari 1879. Na haar jeugdjaren doorgebracht te hebben in de Boterstraat verlaat Anneke, ze is dan 13 jaar, het ouderlijk huis en gaat naar Standdaarbuiten, alwaar zij op de boerderij van Jan van Weijgaart als dienstmeisje in loondienst treedt. Het dienstverband duurde slechts zes weken. In de periode van de daaropvolgende zes jaren heeft ze diverse betrekkingen vervuld in Sprundel, Rijsbergen en Etten. Tijdens de kerstdagen in 1892 keert ze weer terug in haar ouderlijke woning. De hoofdoorzaak van deze terugkeer is nagenoeg zeker gelegen in het feit dat zij op 14 januari 1893 in het huwelijk treedt met Petrus Hermus. Deze heeft de leeftijd van 34 jaar en is van beroep arbeider. Hij is een zoon van het echtpaar Willibrordus Hermus en Allegonda Collet. Sinds het overlijden van zijn ouders woonde Petrus alleen in het huisje, gelegen aan de Lokkerstraat (thans Broekestraat genaamd). In een zeer korte tijd verloor Petrus zijn beide ouders. Moeder Allegonda overleed op 14 januari 1892 en zijn vader Willibrordus 16 dagen nadien. Petrus had twee zussen en twee broers die reeds jaren het ouderlijk huis hadden verlaten, zodat Petrus en Anneke als jong echtpaar de woning betrokken.

Dit huisje, zij wisten het toen nog niet, zou later de aanleiding en inzet vormen voor veel publicaties. De levensbeschrijving van Anneke wordt thans even onderbroken om de ‘geschiedenis van het huisje’ de revue te laten passeren.

 

Wanneer omstreeks 1845 Adriaan Rommers, wonende aan de Donk te Etten-Leur, een perceel heide aan Willibrordus Hermus verkoopt, splitst laatstgenoemde dit in twee delen op. Een verdere splitsing resulteerde in: 2 huisjes + erf en 3 perceeltjes.

In 1865 wordt één gedeelte, omvattende een huis (sectie no. 731) + erf en een perceel, verkocht aan Marijnis van Beers te Sprundel. Dit huisje wordt, nadat het van diverse eigenaren was verwisseld, in 1892 gesloopt door de toenmalige eigenaar, te weten: Adriaan van den Maagdenberg. Na het overlijden van Willibrordus Hermus volgde een deling waaruit zoon Petrus het nog bestaande huis (sectie no. 517), erf en twee perceeltjes erfde. Hij verbouwde in 1893 de woning.

 

Op 13 januari 1894 wordt hun eerste kind geboren, een zoon, Willem. Op 8 april 1896 wordt Johanna geboren, maar overlijdt reeds op 3-jarige leeftijd. Anna-Maria, geboren op 30 juni 1901 en Allegonda, geboren op 14 juli 1904 completeren het gezin.

Op 14-jarige leeftijd verhuist Willem naar Etten. Waar hij precies vertoefde of waaruit zijn werkzaamheden bestonden heb ik niet kunnen achterhalen. Hij wordt ‘teruggevonden’ in het archief van de gemeente Heel (Limburg), alwaar hij op 18 maart 1915 is ingeschreven. Twee jaar verbleef hij in het St. Jozefgesticht aldaar. Op 21 juli 1917 keerde hij bij zijn ouders in Sprundel terug,

In 1920 verliet Anna-Maria de ouderlijke woning. Zij trouwde met Marinus Muys in Sint Willebrord en zij vestigden zich in Hoeven. Vier jaar later, 22 maart 1924, overleed vader Petrus. Anneke bleef, maar niet voor lange duur, achter met haar twee kinderen.

Dochter Allegonda trouwde met Geert van Rijsbergen, geboren in Hoeven, woonachtig te Sprundel en van beroep arbeider. Het huwelijk werd voltrokken op 24 juli 1926. In alle vroegte begaf het bruidspaar zich met een geleende kar, getrokken door drie honden, richting het gemeentehuis in Rucphen. Na de burgerlijke plechtigheid ging men terug naar de St.Janskerk in Sprundel alwaar de kerkelijke huwelijksinzegening plaatsvond. Daarna vierde het bruidspaar en de familie zeer uitbundig feest; alle cafés in Sprundel werden met een bezoek vereerd. De feestvreugde, die tot laat duurde, werd toch enigszins getemperd doordat op weg naar huis de veldwachter, in functie, aan het bruidspaar twee processenverbaal uitdeelde, te weten: een wegens openbare dronkenschap en een vanwege het feit dat volgens de wet de hondenkar te zwaar beladen zou zijn geweest.

Toch heeft dit huwelijk niet veel vreugde gekend. Allegonda’s gezonheid liet veel te wensen over. Een dochter Anna-Maria, die op 6 april 1941 werd geboren, overleed 14 dagen later. Om alle tegenslagen te completeren overleed haar man op 48-jarige leeftijd onder zeer bijzondere omstandigheden.

Daarna ontstaat op zeer grote schaal publiciteit over het huisje en zijn bewoners. Vanwaar deze belangstelling in de jaren vijftig? Omstreeks de eeuwwisseling zou ’n dergelijke woning niet opvallend zijn geweest, maar doordat 50 jaar later de woningbouw in al haar facetten veel in kwaliteit was verbeterd, viel het bewuste huisje sterk op.

De heer van Esch uit Etten-Leur, gepensioneerd directeur van het Gewestelijk Arbeidsbureau in voornoemde gemeente, heeft zich als verwoed geschiedschrijver opgeworpen. De heer van Esch heeft destijds Anneke en haar gezin bezocht en heeft naar aanleiding daarvan zijn impressies verwoord in een regionale krant. Hij schrijft ondermeer het volgend over het huisje:

“Het hele geval van nog geen drie meter hoogte lijkt ons een nachronische en pover overblijfsel der Taxandriers. Het dak van stro reikt aan de achterzijde tot niet meer dan een meter boven de grond, waar het rust op een goor grijs gekalkt muurtje ten dele afgedekt met een brede rug stalmest dit waarschijnlijk ter camouflage van barsten en scheuren. De voorgevel al weinig hoger, behalve dat het gedeelte waarvan een raam met een verfloerst gordijn en een wankele deur het vermoeden winnen dat daarachter wel de woonstede zal bevinden.”

 

Aan ondergetekende zijn uit die tijd enkele anekdotes verteld, die onderstaan worden weergegeven:

Het zwervend bestaan, wat Willem leidde, bracht hem grote bekendheid bij boeren en burgers, n.m. in het gebied tussen Zevenbergen en Roosendaal. Hij zorgde uitstekend voor zijn moeder en zuster. Op vele adressen, waar Willem vaak aanklopte, kreeg hij één cent of een appel. Thuis deponeerde hij zijn ontvangen gebedelde centen in een emmer. Geruchten deden de ronde dat vele, met centen gevulde emmers zich in het huisje bevonden, waaruit de conclusie werd getrokken dat zij erg bemiddeld waren. De bakker, petroleumboer, kruidenier en melkman werden altijd met centen voor hun leveranties betaald.

De heer de Rooij, thans 81 jaar oud, vertelt: als eigenaar van een caféwinkelbedrijf aan de Ettenseweg leverde hij nagenoeg tien jaar lang wekelijks 15 flessen (3/4 liter) bier. De betaling vond steeds plaats met nagenoeg alleen centen.

Anneke en haar gezin beleefden hun geloof als zeer gelovig katholiek. Het interieur van hun woonkamer bestond uit kruisbeelden en vele afbeeldingen van heiligen. Steeds op de eerste vrijdag van de maand kwam kapelaan de Bie thuis de biecht horen, wat – beurtelings – plaatsvond in de geitenstal. Daarna werd in de woonkamer de Heilige Communie uitgereikt. Het zou te ver voeren om alle verhalen over deze mensen te boek te moeten stellen, doch zou dit wel geschieden, dan zou een uitgebreid arsenaal de inhoud van een boek zeker evenaren.

 

In 1954 ging Anneke’s (dan 81 jaar) gezondheid achteruit, zo erg zelfs, dat opname in het toenmalige Gasthuis te Etten noodzakelijk en onafwendbaar was. Korte tijd nadien, 5 december 1954, overleed zij. Op 7 december wordt zij, omgeven door haar kinderen, in Sprundel begraven. Uit gegevens van de ‘begraafboeken’ is het mogelijk het graf van Anneke nog terug te vinden.

Door middel van de gezinshulp, die reeds jaren dit gezin begeleidde, konden Willem en Gonneke een ‘kort’ zelfstandig leven leiden. Beiden verhuisden echter op 22 mei 1957 naar het verzorgingstehuis Charitas te Roosendaal.

 

Het huisje zelf vond een triest einde. In 1957 nog werd het door brand verwoest. Het Dagblad de Stem schreef in de rubriek: ‘Brabant van Toen’ het een jammerlijke zaak te vinden dat dit huisje niet is overgebracht nar het Openluchtmuseum te Arnhem.

De verdere precieze levensloop van Anna-Maria, Willem en Gonneke is moeilijk te achterhalen. Anna-Maria huwt in juli 1920 met Marinus Muys. Uit dit huwelijk werd een zoon geboren. Na het overlijden van haar man hertrouwt ze met Paulus Kommer Nagtegaal uit Rotterdam, waar zij zich ook vestigt.

Willem is nog vaak in de regio door vele bekenden ontmoet. Goedlachs en vriendelijk zoals hij steeds was. Het enige verschil was zijn goed verzorgd uiterlijk en zijn ietwat gehavende kledij was vervangen door een goed passend kostuum. Hij overleed op 21 april 1972 te Roosendaal.

Gonneke is nog de enig in leven zijnde uit dit gezin. Zij is thans 84 jaar en leeft goed verzorgd in het verzorgingstehuis De Brink.

 

Wellicht ten overvloede merk ik op, dat door de zeer aparte leefwijze van dit gezin in het dorp in zijn algemeenheid vaak de indruk werd gewekt, dat er sprake was van ‘demonen’ situaties, doch niets is minder waar. Het waren slechts zeer primitieve lieden die op een zeer eigen markante wijze van hun levenswijze uiting gaven.

 

 

BRONNEN:

 Gemeente Archief Rucphen

 Gemeente Archief Prinsenbeek

 Oud-kadaster Gemeente Rucphen

 Dagblad de Stem

 De heer van Esch

 De heer J. van Broekhoven

 

Heemkundekring Onder Baronie en Markiezaat Sprundel

Start.HKK Sprundel.Sprundel.Oud inwoners.Verhalen.Foto's.Museum.Jaarboek.Contact.kuierpadjes.Agenda.